vervolg reisverslag Bulgarije april 2009

Onze reis naar Bulgarije Deel 2
We zitten in het vliegtuig, een redelijk nieuw toestel van Bulgaria Air. Cees heeft gezorgd dat we met z’n tweeën, drie zitplaatsen hebben. Coby heeft zich lekker bij het raam genesteld en ik zit aan het gangpad. Zo kan ik af en toe mijn been strekken.
Het toestel komt los van de slurf en rijdt naar de startbaan, daar blijft het geruime tijd staan. Het is helder weer en dus is er nog heel wat te zien. We kijken wel uit op de vleugel, maar dicht bij het raam, kun je toch nog mooie foto’s maken.luchtfoto
Eindelijk gaan de motoren harder draaien en het moment van opstijgen is daar. Het gaat zo rustig, dat we geen van beiden er iets van merken.
Al snel komen de stewardessen rond met een broodje gezond en een stuk cake samen in een papieren zak. Tegelijk kan iedereen drinken bestellen. Het assortiment is vrij groot. Ook komen nog twee meisjes met koffie en thee langs. Het weer is zo mooi, dat Coby, prachtige foto’s kan maken.
Ik heb het tijdschrift over Bulgarije, dat in het netje achter de stoel van de voorganger zit, ter hand genomen. Er staan boeiende artikelen in. Elk artikel staat in het Bulgaars en in het Engels. We boffen, we hebben nu het nummer van april en als we terug gaan, hebben we het nummer van mei.
Ongemerkt naderen we Sofia, het is een tijdverschil van 1uur. De vlucht heen duurt twee uur en drie kwartier. Sofia gaat mee in de vaart der volkeren. In december waren er nog geen slurfen en nu wel.
Als iedereen het toestel verlaten heeft, worden wij naar voren geroepen. Er staan twee medewerkers van de luchthaven klaar om ons te begeleiden. Voor allebei een rolstoel. De leider van de twee helpers, vraagt alvast ons paspoort en de labels van de bagage. Ik geef mijn pasport, de twaalf labels van de dozen, de label van mijn koffer en van mijn rollator. We hebben allebei nog een ruiten tas met handbagage.
De twee medewerkers staan ineens stil en kijken ons verbouwereerd aan. Twee, niet al te jonge, dames met zoveel bagage! Ik zie de vraagtekens op hun gezicht en daarom begin ik te vertellen waar we mee bezig zijn. Twee jaar geleden was dat nog niet mogelijk, maar nu spreekt iedereen op de luchthaven Engels.
Vroeger werd je verhaal over de gehandicapte kinderen afgedaan met: ‘dat afval’, terwijl ze nu vol belangstelling luisteren. Niets is hun te veel. Ze helpen waar ze kunnen. Alle dozen worden op twee bagagekarretjes geladen, de koffers en tassen en de rollator op het derde bagagekarretje.
Zonder problemen rijden we langs de douane. Eenmaal door de schuifwand, zien we Christo met zijn vriend. Christo ken ik al 22 jaar. Hij is mijn gids, mijn redder in de nood, mijn tolk en de beste taxichauffeur.
De vier mannen overleggen even, hoe ze dit gaan regelen.
Er staan banken en ik stel voor dat Coby en ik daar gaan zitten, Christo en zijn vriend brengen de twee karretjes weg en dan komen ze ons halen. De twee medewerkers vragen of dat echt wel kan. Ik verzeker hen dat het goed zit. Ze nemen afscheid en wensen ons alle goeds toe.
Dit is nieuw. Een kentering in de gedachtewereld van deze twee medewerkers.
Even later komt Christo met zijn vriend terug. Ik loop achter de rollator, Christo duwt het karretje en Coby loopt naast mij. We gaan naar de parkeergarage waar de twee taxi’s staan. Heel vakkundig wordt alles ingeladen. Christo vraagt nog of ik onderweg de rollator nodig heb. Nee, dank je Chrsto, ik red het wel. Prima, dan gaat hij in de andere taxi.
Christo zal met ons de toeristische route rijden en de ander chauffeur neemt de geijkte route, we zien elkaar bij de gebruikelijke koffie stopplaats.
sneeuwtoppenWe zien nog sneeuw op de toppen liggen. Ik praat met Christo over het weer, de toestand in het land. Tussen door wijst Christo op bijzonderheden. Ooievaarsnesten, met een of twee ooievaars erop.
Christo stopt op een plek, waar we een mooi uitzicht hebben op de bergen met hun besneeuwde toppen. Daar maken we foto’s en rijden langs mooie bossen met fris groen en bloeiende bomen.
We komen bij onze koffie stopplaats aan: Christo waarschuwt:"Pas op Will". Drie jaar geleden, heb ik daar mij linkervoet gebroken.
Na de warme chocola en een Hollandse ligakoek gaan we weer verder. We hebben nu ruim 80 km afgelegd en nu nog 100 km te gaan. De maximum snelheid is 60 of 70 km per uur.
Het is nog licht als we bij het hotel aankomen. De aangepaste kamer hebben ze voor ons vrij gehouden. Het meisje achter de receptie zegt: “Welkom, fijn dat u er weer bent. Uw kamer is vrij”. Wij gaan naar boven en de portier brengt onze bagage boven. De 12 dozen worden in de bagageruimte opgeslagen. We gaan een hapje eten in het restaurant. Een aantal obers kent mij nog. We zoeken een tafel uit, waar we goed zicht hebben op de band en de zangeres. Elke avond is er een live optreden. De band blijft een maand en gaat dan naar een ander restaurant.
Op de kamer pakken we koffers uit, verbouwen de bedden, zodat we beter kunnen liggen. Gelukkig hebben we allebei ons eigen hoofdkussen mee genomen. Welterusten. De eerste dag zit er op........

Onze reis naar Bulgarije Deel 3
Vrijdagmorgen willen we graag uitslapen. We hebben deze dag als rustdag bestempeld. Helaas rinkelt om 8 uur de telefoon, allebei zijn we klaar wakker. Als ik hem op neem, is het tuut tuut.
Dan maar opstaan en gaan eten. Na het ontbijt eerst een safe regelen en dan laat ik Coby de kliniek zien. Ik vertel over de mogelijkheden. Overal hangen fotoborden met de mogelijkheden die het kuuroord kan bieden. Zo komen we ook bij de afdeling massage, waar we Alexander ontmoeten. Hij is een van de beste masseurs. Hij heeft nu tijd om mij te behandelen. Prima. Coby gaat naar buiten een stukje in het park wandelen. We zien elkaar weer op de kamer.
Beneden in de koffiebar drinken we koffie, thee en sap. We gaan eerst rusten en dan willen we naar het centrum van de stad. Bij de receptie vraag ik, of ze een taxi voor ons willen bellen. De rollator gaat mee. Voor één euro zijn we in de binnenstad. We kijken rond en kopen het een en ander. Op een terrasje drinken we wat en dan op zoek naar een taxi. Dit is makkelijk en nu hoeven we alleen maar ons hotel te noemen.
Terug op de kamer rusten en nog eens rusten. Ik word wel een paar keer aan de telefoon geroepen. Om 7 uur staan we op en gaan we naar het restaurant. Veel honger hebben we niet. De kleine portie die wij eten, doet de meeste obers de wenkbrauwen fronsen. We blijven enige tijd zitten om naar de band en de zangeres te luisteren.

Met Christo af gesproken dat we morgen, vier dozen naar Petrovo brengen. Zaterdagmorgen gaan we na het ontbijt 4 dozen uitzoeken in de bagageruimte van het hotel. We hebben om 10 uur afgesproken, maar we zijn om 9 uur al klaar. De vriend van Christo belt Christo, om te vragen of hij wat eerder kan komen, want wij zijn al klaar. In de tussenliggende tijd gaan we bij de receptie van de kliniek voor twee keer een bad bestellen. Een bad met mineraalwater, extra zuurstof en algen.
Als we terug zijn in de hal komt Christo aanlopen. Hij ziet er anders uit. Hij vertelt dat hij een ontstoken kies heeft. Hij is wel bij de tandarts geweest, maar die kan pas wat doen, als de ontsteking weg is. Met pijnstillers en antibiotica gaan we toch weg.
Christo vertelt dat Lilian, onze contactpersoon, in Sofia is, voor een seminar. Onderweg vraagt Christo, of de directrice, Violet, weet, dat wij komen. Volgens mij wel, want ik heb de dagen door gegeven, dat we willen komen.
Eenmaal bij het kindertehuis, blijkt dat Violet er niet is. Haar vervangster, voor mij onbekend, volgt precies de regels op die Violet heeft opgesteld ten aanzien van bezoekers. Het is vreemd, dat die nu ook voor ons gelden. (Lilian en Violet bieden daar later hun excuses voor aan).
speeltuinDe kinderen spelen buiten in de zon. We maken een paar foto’s, drinken een kop thee en Christo zet de dozen binnen. Op ons verzoek zullen de dozen dicht blijven tot woensdag.
Christo wil nog wel met ons ergens heen rijden, maar we zien, dat hij veel pijn heeft. “Weet je wat Christo, we gaan terug naar Sandanski. Wij vermaken ons wel en jij kunt lekker naar bed”. Christo kijkt ons dankbaar aan.
Na het rusten gaat Coby lekker in de zon zitten en ik ga schrijven.
Ik heb ook therapie.
’s Avonds krijgen we in het restaurant niet-rokers tafel toegewezen. De manager heeft het eindelijk door, dat we niet tegen de rook kunnen. Er wordt in Bulgarije veel gerookt en gedronken. Ze verbouwen zelf de tabak en de druiven, waar ze wijn en schnaps van maken. Het restaurant is vol, er zijn veel Griekse gasten en de band speelt daar op in. Ook de zangeres zingt enkele Griekse liederen. De Griekse vrouwen gaan de sirtaki dansen, een leuk gezicht. We genieten en gaan voldaan naar onze kamer.
………………………………
Onze reis naar Bulgarije Deel 4
Zondagmorgen, lekker uitslapen en rustig gaan ontbijten. Daarna gaan we naar het park. Het miezert een beetje, maar ik zie het wolkendek al breken. Waarom dan toch naar het park? Onze masseur Alexander heeft ons een fles ‘home-made’ wijn boombeloofd, maar is die zaterdag vergeten. Hij zal om tien uur naar het park komen om de fles te brengen. Het is toch eigenlijk heel erg raar, dat een vriend, weliswaar een masseur, in zijn vrije tijd niet in het hotel en zeker niet in de kliniek mag komen.
We maken foto’s in het park van de vele mooie bomen. Een boom is zo markant, zo mooi, dat we daar veel plaatjes van geschoten hebben (toen we later de foto’s op een cd lieten zetten, was de fotograaf zeer verrast over de mooie foto’s) .
Dan komt Alexander, we maken nog een babbeltje en ik vraag hoe het komt, dat er nu wel veel water in de beek staat. Het heeft in de bergen geregend, in Sofia zelfs gesneeuwd, maar het komt ook, dat ze af en toe de sluizen open zetten bij de elektriciteit centrale. Alexander gaat terug naar huis en wij gaan naar de koffiekamer.
Na de lunch is de zon helemaal door gebroken. Coby gaat in de zon zitten om zich lekker door te warmen. Ik blijf binnen want mijn zonallergie begint al aardig op te spelen. Als Coby naar buiten gaat, zit ik te schrijven of te lezen. We bezoeken regelmatig de kamer waar twee pc’s staan. De ene is beter dan de andere. Op het toetsenbord staan zowel onze letters als het cyrillische schrift. Ik kan dan in ieder geval mijn e-mails even lezen.
Christo heeft ons gebeld om door te geven, dat we die avond om half acht bij Lilian verwacht worden voor een etentje. Lilian kan heel goed koken en we maken soms een grapje: Christo schiet wild, Lilian staat in de keuken en ze hebben een speciaal eethuisje.
We gaan wel eerst rusten, want uit ervaring weet ik dat het laat kan worden. Ik heb het adres van Lilian op een briefje geschreven. Bij de receptie vraag ik om een taxi. Het meisje bij de receptie schrijft het adres in het Bulgaars er onder. Dat is makkelijk, want de meeste taxichauffeurs kunnen het westerse schrift niet lezen.
Het is een korte rit naar Lilian. Lilian heeft Christo ook uitgenodigd maar hij heeft te veel pijn aan zijn ontstoken kies.
We bespreken eerst alles van het kinderthuis. Ook Lilian is ontstemd over het feit dat we zaterdag geen foto’s mochten maken. Ze zal er voor zorgen dat we woensdag volop foto’s kunnen maken. Lilian schenkt de Bulgaarse ouzo in en daarna wijn en frisdrank. We vertellen Lilian wat we kunnen aanschaffen voor het tehuis: een wasmachine, een pc voor het kantoor, een tapijtreiniger en aircoapparaten voor de kamers, waar de kinderen nog steeds in bed liggen en ze is erg blij. (Lilian was mijn kuurarts, zij heeft mij naar het kindertehuis gebracht en is de contactpersoon van onze Stichting en het kindertehuis).
We krijgen een voortreffelijke maaltijd voor gezet besprenkeld met wijn en frisdrank. Het is een aangename, fijne avond. Lilian vertelt ons dat er woensdag een feest gehouden zal worden, omdat het nu 15 jaar geleden is, dat ik in het kindertehuis kwam.
Als we met een taxi naar huis gaan zijn we voldaan. We zijn blij en opgelucht dat de, in feite kleine, problemen nu zijn opgelost. Het gaat goed komen. Het gesprek met Violet, de directrice, zal nu aangenaam zijn. Moe rollen we allebei in bed. Morgen gaan we met Christo op pad.
……………………………………… lees verder >>>>>>>>>>>>>>